Hoe laat ik digitalisering voor mij werken?
arrow_drop_up arrow_drop_down
29 januari 2019 

Hoe laat ik digitalisering voor mij werken?

Regelmatig spreek ik zorgprofessionals en bestuurders die ongerust zijn over wat digitalisering voor hun werk en de patiënt betekent en hoe hier mee om te gaan. Zo’n 20 jaar ben ik nu werkzaam in de zorg op het snijvlak van Organisatie en ICT. Ik heb in die jaren veel zien veranderen en ook mijn bijdrage in de aansturing van die veranderingen geleverd. Vanuit die ervaring en mijn persoonlijke beleving wil ik een visie geven op nieuwe ICT-ontwikkelingen en hoe als bestuurder en zorgprofessional daarmee om te gaan.

Een onvergetelijk leermomentje

Ik weet nog dat ik voor de overstap naar de zorg, sprak met Maurice de Hond. Ik werkte destijds voor het Rijkscomputercentrum dat grote systemen voor de overheid beheerde. Hij werkte voor een krantenuitgever en vroeg me wat ik van Internet vond, dat was toen nog nieuw. Mijn antwoord destijds: ‘ik denk niet dat het zo’n grote vlucht gaat nemen, tenzij er een goede oplossing voor het probleem van het vinden van informatie op het internet wordt gevonden’. Ik was snel met hem uitgepraat, hij was het niet met me eens. We hadden beide gelijk: Internet heeft een gigantische vlucht genomen, maar ook mede dankzij zoekmachines als Google (en dat bestond toen nog niet).

Wat heb ik ervan geleerd:
Als gemiddelde mens is bijna niet te voorzien hoe een technologische en digitale innovatie de dagelijkse wereld verandert. Er vinden nu technologische innovaties in exponentieel tempo plaats, waarvoor de toepassingen nog bedacht moeten worden. Veel toepassingen zijn er al, maar is alleen de opschaling en implementatie nog het probleem. Aan de andere kant zijn veel zorgverleners ontevreden over wat digitalisering voor hun mogelijk maakt.

Wat betekent digitalisering voor hoogopgeleide professionals?

Wat heeft al die digitalisering ons gebracht? Een omslag in denken voor alle hoogopgeleide professionals. Vroeger was het hebben van feitenkennis over jouw vakgebied de belangrijkste toegevoegde waarde. Nu gaat het om het gezamenlijk met de klant vinden van antwoorden op vraagstukken door goede analyse van het probleem en de wensen van je klant, waarbij je gebruik maakt van kennis die via internet beschikbaar is. Ik heb als professional, die benaderd wordt voor ICT-vraagstukken, al lang niet meer de illusie dat ik alle technische ontwikkelingen tot in detail kan volgen. Op het moment dat het relevant is, weet ik echter wel waar ik meer diepgaande informatie kan vinden en wie ik daarbij in kan schakelen. Mijn toegevoegde waarde zit dus in de analyse van het vraagstuk en het stellen van de juiste vragen aan klanten en gebruikers. Zo komt men tot de kern van het probleem en kan gezamenlijk bepaald worden wat zinvolle vervolgstappen en investeringen zijn. Dit wordt ook wel ‘shared decision making’ genoemd. Zoveel anders dan zorg is het niet.

Hoe zit het met de zorg?

Voor een zorgprofessional is dit niet anders. In de zorg gaan ontwikkelingen snel, er wordt veel onderzoek verricht en over gepubliceerd, en het is ondoenlijk al deze kennis direct paraat in je hoofd te hebben. Op het moment dat een patiënt met een vraag bij de arts komt, heeft hij soms wel en soms niet gegoogled, maar is vaak niet in staat de vergaarde informatie goed te interpreteren. Dat kan alleen een arts samen met hem doen.

Ik kan me de zorgen en onvrede van professionals voorstellen. Al die digitalisering heeft tot een niet te stillen behoefte aan data geleid: data om de processen te managen, de kwaliteit te borgen, de zorg transparant te maken, kostenberekeningen mogelijk te maken, verantwoording te kunnen afleggen, etc. Maar wat schiet de zorgprofessional en patiënt er concreet mee op?

En, hoe zit het met de klinische blik van de zorgprofessional die op basis van het kijken naar de patiënt al signalen over het ziektebeeld oppikt, zonder dat er wat is gezegd? Ter geruststelling: deze blijft nodig en is een belangrijk onderdeel van hoe de patiënt de zorg ervaart.

Digitalisering is een tool, niet meer en niet minder, en het is handig als de gebruiker bepaalt hoe deze in te zetten. Tools ontwikkelen zich, bieden meer mogelijkheden waardoor het gebruik toeneemt. Om nu te voorkomen dat digitalisering een kant uit gaat die je als gebruiker niet wilt en die geen meerwaarde biedt in je zorgproces, is er slecht één oplossing: ga als bestuurder en zorgprofessional mee sturen! Gedraag je niet als een afhankelijke patiënt die de dokter maar laat bepalen wat je hebt en moet doen, maar denk mee. Alleen dan krijg je betere oplossingen en tools die meerwaarde leveren.

Zorgprofessional ga meesturen: BiSL en BiSl next.

Het concept van meesturen en hoe dit in te richten in een organisatie is niet nieuw. Sterker nog, er is reeds in 2005 een uitgebreid framework en methodiek voor ontwikkeld: BiSl.  Een methodiek die bovendien perfect aansluit bij de wijze waarop ICT-systemen worden beheerd en vernieuwd (ITIL/ASL). Een methodiek die op maat kan worden ingevuld in de organisatie waarin men functioneert. Het is een gedachtegoed dat vrij beschikbaar is en ondersteund, beheerd en onderhouden wordt door de Stichting ASL en BiSL Foundation.(www.aslbislfoundation.org)

Het beschrijft welke rollen in een gebruikersorganisatie ingericht moeten zijn om IT goed te laten werken: operationele, beheers- en strategische rollen.

BiSL slaat een brug tussen ICT en bedrijfsproces èn tussen functioneel beheerders/informatiemanagers en gebruikers. Het BiSL-procesmodel geeft inzicht in alle hoofdprocessen van hun werkveld en de relaties tussen de processen. Het biedt aanknopingspunten voor verbetering en optimalisering van de processen, onder meer via ‘best practices’ en het verschaft een uniforme terminologie.

De gebruikersorganisatie en hun bedrijfsprocessen staat centraal en niet de afzonderlijke pakketten die in gebruik zijn.

Conclusie

Het betekent dat een bestuurder en zorgprofessional niet technisch diepgaand van allerlei nieuwe ontwikkelingen op de hoogte moeten zijn om sturing te kunnen geven aan digitalisering. Hoewel het natuurlijk niet goed is een volledige digibeet te blijven in deze tijd.

Het betekent echter dat de zorgprofessional en bestuurder moeten nadenken en richting moeten geven aan wat zij zinvol vinden voor het zorgproces, welke ontwikkelingen ze in hun werkveld zien en waar meerwaarde wordt gezien. Dit kan vervolgens in wisselwerking met de deskundige ICT-ers tot goede keuzes leiden. Maar accepteer daarbij ook antwoorden van ICT-ers die aangeven dat zaken complex kunnen zijn, langer kunnen duren dan gewenst of zeer kostbaar kunnen zijn. Vertrouw je de ICT-er die je adviseert niet voldoende, zet dan het instrument van een Second Opinion in. Dat doen patiënten immers ook.

Over de schrijver
Reactie plaatsen